Voor Gerrit Kouwenaar is het schrijven van poëzie op de eerste plaats een ambacht. Een ‘taaltechnicus’ is hij wel genoemd, voor wie woorden, lettergrepen en klanken gereedschap zijn. Toch ligt er vaak een waarneming of gebeurtenis uit het dagelijks leven ten grondslag aan zijn poëzie. Dat persoonlijke wordt echter weggeschreven, ten bate van het gedicht. ‘De perfecte moord’, heeft Kouwenaar dit proces eens genoemd.
Sinds zijn debuut in 1941, met een in eigen beheer uitgegeven dichtbundel, heeft Kouwenaar zich ontwikkeld tot een belangrijk dichter voor wiens werk de waardering in de loop der jaren alleen maar groter is geworden. Dit luisterboek bevat een uitgebreid interview over zijn leven en werk.
In de serie Een Leven Lang verschijnen portretten van Nederlandse auteurs. In elk luisterboek is een door NPS Radio uitgezonden radio-interview met de auteur te beluisteren, waarin levensloop, ideeën en inzichten de revue passeren.
Voor iedereen met interesse in de Nederlandse literatuur.
Het portret van Gerrit Kouwenaar uit de NPS-radioserie Een Leven Lang werd uitgezonden op 10 februari 2000. Samenstelling/interview: Corinne van den Hoeven
Over de auteur
Gerrit Kouwenaar (1923) werd in Amsterdam geboren als zoon van Jeltje Bloksma en David Kouwenaar. Zijn vader was een bekend journalist. Kouwenaar volgde het Amsterdams Lyceum en na verhuizing van het gezin naar Bergen (N.H.) de HBS in Alkmaar. Tijdens de Tweede Wereldoorlog verhuisde Kouwenaar met zijn ouders en broer David naar Baarn. Met zijn broer vertrok hij spoedig weer naar zijn geboorteplaats, waar hij is blijven wonen, al brengt hij sinds jaren ook de zomers door in Zuid-Frankrijk. Tijdens de oorlog werd hij gearresteerd vanwege zijn medewerking aan illegale tijdschriften. Na een half jaar werd hij vrijgelaten en dook hij onder.
Van 1945 tot 1950 werkte hij op de kunstredactie van De waarheid. In de jaren vijftig was hij freelance-medewerker van Vrij Nederland en redacteur van Podium. Later besprak hij beeldende kunst voor Het vrije volk en was hij redacteur van De Gids. Kouwenaar wordt sinds de jaren vijftig tot de belangrijkste dichters uit het Nederlandse taalgebied gerekend. Hij debuteerde in 1953 met de bundel Achter een woord en kreeg voor zijn gedichten talrijke onderscheidingen.
Kouwenaar heeft een groot aantal vertalingen op zijn naam staan van toneelstukken van onder anderen Brecht, Goethe, Schiller, Weiss, Sartre en Dürrenmatt. In 1967 kreeg hij voor zijn vertaalwerk de Martinus Nijhoffprijs. |